Dit projectrapport geeft de resultaten weer van het onderzoek dat Wageningen Plant Research en Delphy hebben uitgevoerd in opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw met financiële steun van de Topsector Agri & Food. Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties voor veilig en gezond voedsel voor 9 miljard mensen in een veerkrachtige wereld.
Dit projectrapport geeft de resultaten weer van het onderzoek dat Wageningen Plant Research heeft uitgevoerd in opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw met financiële steun van de Topsector Agri & Food. Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties voor veilig en gezond voedsel voor 9 miljard mensen in een veerkrachtige wereld.
Dit projectrapport geeft de resultaten weer van het onderzoek dat Wageningen Plant Research heeft uitgevoerd in opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw met financiële steun van de Topsector Agri & Food. Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties voor veilig en gezond voedsel voor 9 miljard mensen in een veerkrachtige wereld.
Dit projectrapport geeft de resultaten weer van het onderzoek dat Wageningen Plant Research en Delphy hebben uitgevoerd in opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw met financiële steun van de Topsector Agri & Food. Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties voor veilig en gezond voedsel voor 9 miljard mensen in een veerkrachtige wereld.
Dit projectrapport geeft de resultaten weer van het project dat Wageningen Plant Research en Delphy hebben uitgevoerd in opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw met financiële steun van de Topsector Agri & Food. Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties voor veilig en gezond voedsel voor 9 miljard mensen in een veerkrachtige wereld.
De N-richtlijnen voor de teelt van graszaden zijn sterk verouderd. De N-giften zijn onder andere te laag bij eerstejaars en overjarig Engels raaigras,
De stikstofbemestingsrichtlijnen in het Handboek Bodem en Bemesting (HBB) geven aan wat gemiddeld genomen een optimale stikstofgift voor gewassen is.
De stikstofbemestingsrichtlijnen in het Handboek Bodem en Bemesting geven aan wat gemiddeld genomen een optimale stikstofgift voor gewassen is. Rekening houdend met de stikstofvoorraad in de bodem (Nmin). Voor de gewassen: wintergerst, cichorei, doperwt, stamslaboon, vlas, winterkoolzaad, vezelhennep, haver, knolselderij en was- en winterpeen zijn de stikstofrichtlijnen geactualiseerd.
In opdracht van de Brancheorganisatie Akkerbouw (BOA) hebben WUR Open Teelten en Delphy de onderbouwing en actualiteit van de N-bemestingsrichtlijnen voor de akkerbouw in het Handboek Bodem en Bemesting beoordeeld. Ook is nagegaan welke informatie er beschikbaar is voor actualisatie. Doel van het project is het actualiseren van de N-bemestingsrichtlijnen in het Handboek Bodem en Bemesting, zodat deze voor alle gewassen aansluiten bij de huidige praktijk qua teeltwijze, rassen, opbrengstniveau en kwaliteitseisen. In het project worden drie fasen onderscheiden: 1. Beoordeling onderbouwing en actualiteit huidige N-bemestingsrichtlijnen en inventarisatie van de beschikbare informatie voor actualisatie. 2. Verzamelen van data, analyse hiervan en actualisatie van de N-bemestingsrichtlijnen voor gewassen waarvoor geen extra veldproeven nodig zijn. 3. Uitvoering van veldonderzoek voor gewassen waarvan onvoldoende informatie beschikbaar is om tot een actualisatie te komen. Dit rapport gaat over fase 1 van het project. Onderbouwing De onderbouwing en het jaar van vaststelling van de N-bemestingsrichtlijnen per gewas is voor zover mogelijk uit het archief van de commissie bemesting afgeleid. Het archief is hierin echter niet volledig. Van N-richtlijnen die vóór 1998 zijn vastgesteld of gewijzigd, is van een aantal gewassen geen of slecht summiere informatie aanwezig en kan niet of niet duidelijk worden opgemaakt wanneer de N-richtlijn is opgesteld en hoe deze is onderbouwd. Voor deze richtlijnen is in de literatuur gezocht naar verslagen van N-bemestingsonderzoek dat waarschijnlijk de basis is geweest voor de richtlijn. De onderbouwing is beoordeeld volgens de sterrensystematiek die de commissie bemesting in 2016 heeft opgesteld. Als een advies goed (wetenschappelijk) is onderbouwd, krijgt het vier sterren. Als het wat beperkter is onderbouwd, maar wel bruikbaar voor de praktijk (maar met enige twijfels over de kwaliteit van het advies) krijgt het drie sterren. Als het zeer beperkt is onderbouwd, krijgt het twee sterren. Als geen cijfermatige onderbouwing mogelijk is, maar het advies alleen berust op expert judgement van praktijkdeskundigen, krijgt het één ster. De waardering voor de onderbouwing van de N-richtlijn (aantal sterren) is weergegeven in tabel S1. De onderbouwing van de N-richtlijnen van de graszaadteelten worden pas beoordeeld als er een actualisatie is uitgevoerd. Totaal betreft het 26 richtlijnen, waarvan de huidige onderbouwing uiteenloopt van één tot vier sterren.
Bij de teelt van gerst en veel kleinere akkerbouwgewassen bestaat onduidelijkheid over de juiste bemesting met stikstof (N). De richtlijnen hiervoor zijn vaak decennia geleden vastgesteld. In de tussentijd is het assortiment veranderd en de productie per hectare veelal gestegen. Er is behoefte aan…
Bij de teelt van gerst en veel kleinere akkerbouwgewassen bestaat onduidelijkheid over de juiste bemesting met stikstof (N). De richtlijnen hiervoor zijn…
Om de stikstofbemesting van groenbemesters af te stemmen op de stikstofbehoefte van het gewas zijn de bemestingsrichtlijnen verfijnd naar zaaidatum en
Eerder onderzoek in vezelvlas toonde aan: lage bemesting verlaagt de opbrengst; iets te hoge bemesting verhoogt het risico op legering.
Bestrijding van meeldauw in vezelvlas draagt niet bij aan hogere opbrengst en/of kwaliteit.
Werken volgens Integrated Crop Management in peen leidde tot een opbrengstdaling. De onkruidbestrijding zonder CfS’en is de meest verklarende factor.
De teelt van vezelgewassen is haalbaar met aanvullende inkomsten uit carbon credits of GLB-subsidies, blijkt uit onderzoek van Wageningen ER.
Door de introductie van Minas zijn veel telers genoodzaakt scherper te bemesten. Bemestingsadviezen zijn hierbij een belangrijk hulpmiddel. Deze hernieuwde uitgave van dit rapport bevat de meest actuele adviezen die zijn vastgesteld door de Commissie Bemesting Akkerbouw/Vollegrondsgroententeelt. Een belangrijke toevoeging op de vorige versie (1999) is het nieuwe fosfaat- en kalibemestingsadvies voor vollegrondsgroenten. Beide adviezen zijn geïntegreerd met het akkerbouwadvies waardoor er vanaf nu sprake is van een uniforme advisering. Bij de magnesium- en kalkbemesting is er nog wel sprake van gescheiden adviezen.
De ‘Adviesbasis voor de bemesting van akkerbouw- en vollegrondsgroentengewassen’ bevat adviezen voor de bemesting met hoofd- en sporenelementen. De adviezen zijn vastgesteld door de Commissie Bemesting Akkerbouw/Vollegrondsgroententeelt. De adviesbasis is bedoeld voor zowel intermediairen (o.a. voorlichting, laboratoria, onderwijs, onderzoek) als telers.
Door de introductie van Minas zijn veel telers genoodzaakt scherper te bemesten, bemestingsadviezen zijn hierbij een belangrijk hulpmiddel. De adviesbasis is bedoeld voor zowel intermediairen (o.a. voorlichting, laboratoria, onderwijs, onderzoek) als telers Een belangrijke verandering met de vorige Adviesbasis (1999) is het nieuwe fosfaat- en kalibemestingsadvies voor vollegrondsgroenten. Beide adviezen zijn geïntegreerd met het akkerbouwadvies waardoor er vanaf nu sprake is van een uniforme advisering. Bij de magnesium- en kalkbemesting is er nog wel sprake van gescheiden adviezen.